Blog Image

Roel Bosch

Over dit blog

Beschouwingen en teksten, columns en artikelen.
Vrij gebruik in context waar de teksten tot hun recht komen, met auteursvermelding.

Trektocht door de wereld van geloof

Columns, Kerk en kerkgeschiedenis Posted on vr, juni 28, 2024 15:47:45

‘En toen stond hij op, een oude man, kwetsbaar en frèle, wat voorovergebogen, en hij zei in een volle kamer “sorry, je weet wel waarvoor. Ik had het helemaal fout toen ik zei dat je een duivelse weg opging. Ik loop er al jaren over te denken en nu moet ik het zeggen.” Ik vond dat zo bijzonder, zo mooi, dat hij de kracht had om dat te doen, zo, hier.’


Hier was Joukje aan het woord, een Nederlandse vrouw die koos voor het Baha’i-geloof, en daar lange tijd vreemd op was aangekeken – of zelfs om was verketterd. We zaten in een grote kring, ruim 30 mensen, in een ontmoetingsruimte van het Alevitisch Cultureel Centrum Rijnmond in Schiedam. Een rustpunt in onze trektocht door de wondere wereld van geloven en levensbeschouwing in een stad waar mensen uit alle streken van de wereld zijn neergestreken. Het is theater maar ook weer niet: de acht spelers zijn zichzelf. Het verhaal van Joukje sloot aan bij het verhaal dat we op deze plaats hoorde over de Alevitische ‘Cem’. Dat is de grote samenkomst een paar keer per jaar, waar je alleen aan mee mag doen als je vrede hebt met allen om je heen. Verzoening, sorry kunnen zeggen, terug durven komen op een mening van vroeger, en ruimte bieden voor die vraag die een toekomst weer samen opent. Dat je samen het brood weer kunt breken!
Onze tocht begon op een plein in de wijk Nieuwland. Een ‘oude nieuwe wijk’, in de jaren 1950 gebouwd, na de grote woningnood na de oorlog. In 75 jaar veranderde de wijk van karakter: de vier kerken van toen zijn gesloten, gesloopt of ze kregen een ander doel. In een zit nu een evangeliegemeente, in een andere het Alevitisch centrum, de derde transformeerde tot woningen, op de plaats van de vierde is een nieuw groot Islamitisch centrum met moskee gebouwd. De metro verbindt de wijk met de hele Rijnmond, rechtstreeks naar Spijkenisse of Rotterdam Beurs.
In de moskee heette de jongste deelnemer, Hüdanur, een jonge vrouw van 18, ons welkom. Ze vertelde hoe ze vanaf haar jonge jaren hier kwam, speelde, vrienden kreeg, haar familie meemaakte, zich thuis voelde. Hoe zij haar vriendinnen vond, met wie ze alles deelt. Blijft dit zo? Is het voor de jonge meisjes van nu ook zo’n plek, of zoeken die het op een andere manier? Waar vinden zij hun vrienden, welke gemeenschap helpt ze groot te worden, zelfstandige mensen? Het raakte haar en ons, haar vraag te delen. Welk dorp helpt kinderen groot te worden?


We wandelden verder, twee aan twee of drie. Welke gemeenschap laat jou groeien? Het was een mooie vraag, die tegelijk ook een opening gaf naar uitwisseling van achtergronden. Mijn gespreksgenoten, beiden uit de Islamitische traditie, verschillen van mening over de opvatting dat een man meer vrouwen kan hebben. ‘In een samenleving van veel mannen die in een oorlog sterven is het een daad van ontferming om overgebleven vrouwen een toekomst te bieden.’ ‘Maar dat hoeft toch niet zó?’, zegt de ander
Het begin van de stad vormt het einde van de trektocht, deze pelgrimage: de Korenbeurs op de Dam. Nu is het de bibliotheek geworden, een beurs, een ruimte voor ontmoeting en uitwisseling. Op vele plaatsen spraken de boeken ons nu toe; de spelers lazen ieder uit hun eigen heilige boek een favoriete passage, Rumi, Bijbel, Qor’an, Baha’ullah, Wicca, Bektash Veli. Totdat ze bij elkaar kwamen, en zichzelf nog eenmaal voorstelden. ‘Ik ben een mens … voor mij …’ – en woorden van inspiratie, geloof, overtuiging, verbondenheid wisselden elkaar af. In een spreekkoor weefden teksten door elkaar, totdat de laatste tekst alleen klonk, artikel 7 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens:
Allen zijn gelijk voor de wet en hebben zonder onderscheid aanspraak op gelijke bescherming door de wet. Allen hebben aanspraak op gelijke bescherming tegen iedere achterstelling in strijd met deze Verklaring en tegen iedere ophitsing tot een dergelijke achterstelling.
Om de kring heen bloeide het applaus op. De spelers namen buigend de dank in ontvangst. Op één na, zij maakte een reverence. Zoals ze me na afloop vertelde, ‘ik buig alleen voor Allah, niet voor mensen’. Geloven, een manier om zelfstandig te leven én samen dat leven te delen.

De maker van de voorstelling, Sophie Mantel, zet zich in haar werk in voor ‘het andere kijken’: haar kunst neemt mensen mee, laat ze zich thuis voelen bij elkaar en tegelijk het anders-zijn van de ander aanvaarden. De voorstelling in Schiedam wordt zes keer gespeeld. Boeken moet vooraf, via de website, die mogelijkheid biedt om te betalen naar draagkracht. https://www.trektocht.org/



‘Es ist ein trotzig und verzagt Ding, um aller Menschen Herze.‘

Columns, Liturgie en kerkmuziek Posted on zo, mei 26, 2024 17:47:42

-overdenking bij Bachcantate 176, voor zondag Trinitatis,
en bij de tekst voor zondag Trinitatis, Johannes 3:1-15.

Bach barokensemble, o.l.v. Paulien Kostense, 26 mei 2024, Zeist, NoorderLichtkerk

Zo, de Drie-eenheid! En maakt Bach het alleen nog maar moeilijker? Met niet alleen pittige uitspraken over God, maar ook over de mens? ‘Es ist ein trotzig und verzagt Ding, um aller Menschen Herze.‘ Het hart van de mens is koppig, trots, schrikachtig, bang. Zo begint hij. Natuurlijk, dat is een schets van Nikodemus die het daglicht schuwt, en zijn reputatie, en daarom wacht tot het donker is voordat hij Jezus bezoekt. Maar zo, hier, is het meer, een beeld van De Mens, en daarom het motto van de hele cantate.
De leer, het dogma van de Drie-eenheid wordt vaak gezien als heftigste en onmogelijkste van de christelijke theologie. Het boeiende is dat in de jaren ‘60 van de vorige eeuw de theologie er opnieuw naar is gaan kijken. Na eeuwen van mannelijke dominantie, hiërarchie, scherpe grenzen, vastgezette stellingen, oriënteerden wereldwijd theologen, in de kringen van bevrijdingstheologie, feministische en gendertheologie zich op de relationele, bewegelijke, communicatieve kracht van spreken over God. En ze keken naar hoe in volksgeloof, kunst, muziek ‘God’ gesproken, gezongen, geschilderd, gedanst wordt.

De keltische traditie spreekt over God als een boom, in drieën, wortels onzichtbaar, stam om tegen te leunen, takken boven ons hoofd, of als een klavertje, drie blaadjes, één blad,

in de orthodoxe traditie verbeeldt het ikoon van Roeblev God, als die drie gasten die bij Abraham onder de boom aan tafel zitten, elk van de drie met hand en voet en blik weer gericht op de anderen, een eeuwige conversatie die het gesprek en de liefde tussen mensen mogelijk maakt,

en in ons liedboek kwam het lied van de dans van de Drie-eenheid terecht, op de dansvloer waar de liefde leidt en waar de hoop ons wacht. (Lied 706, Dans mee met Vader, Zoon en Geest)

God als relatie, als beweging, als delen van inzicht, macht, gezag, liefde, als een zucht naar heelheid in verscheidenheid en verbondenheid – voor de man-met-gezag Nikodemus is dat een angstig avontuur. ‘Jij moet weer helemaal opnieuw beginnen,’ zegt Jezus tegen hem, ‘kopje onder, opnieuw geboren, want met jouw grote zoektocht naar de Ene Waarheid mis je de bron van leven zelf, die bewegelijke en relatiegerichte God. Geen wonder dat je trotzig und verzagt bent, stakker, laat los, en kom in Gods beweging te staan.’
Bach doet mee. Her en der in deze cantate gaat het sprankelen. Zoals in de laatste twee regels van het recitatief van Nikodemus zelf, door de bas gezongen. Een recitatief reciteert, elke regel één keer – maar hier moet het wel verdubbelen, en dansen de woorden ‘glauben’ en ‘nicht verloren’ als in een aria door de tekst heen.
En voor het slotkoraal neemt hij uit de Lutherse traditie dat vreemde patroon van het lied van de Doop van Jezus in de Jordaan, ‘Christ unser Herr zum Jordan kam’, 3×3 regels, zodat het is alsof Nikodemus alsnog opnieuw geboren wordt, door het water van de doop, en kan opstaan tot een leven in de drie-eenheid van geloof en hoop en liefde.
Als ook na nu de goddelijke Drie-eenheid een raadsel blijft,
met deze drie-eenheid van geloof en hoop en liefde kunnen we toch vast verder. In Gods naam.
Amen.

Verbindende tekst, tussen cantate en ‘Bitten’, een gebed op muziek van CPE Bach:
In het begin, God,
vormde u mijn ziel
en zette haar schering vast.
U vormde mijn lichaam en blies het de adem in.
Vernieuw me
naar het beeld van uw liefde.
Grote God, schenk me uw licht.
Grote God, schenk me uw genade.
Grote God, schenk me uw vreugde
en laat me zuiver zijn, gewassen
in het bad van uw heelheid.*


Bij het slot een zegenbede geïnspireerd door een sonnet van Malcolm Guite**:
We gaan verder,
improviseren nu door, met ieder de eigen levensmuziek,

dat we er bij kunnen dansen,
in de drieklank van alles wat goed en waar en liefdevol is,
met Gods muziek
boven ons, naast ons, in ons.
Amen

* ‘In het begin’ – tekst naar fragmenten uit Carmina Gadelica, Songs of the Gaul, teksten en liederen van de Hebriden, verzameld door Alexander Carmichael rond 1900, m.n. Morgengebed, p. 41. Opgenomen in ‘Er zijn, keltisch-christelijk geloven’, Roel Bosch 2013, p. 119.

**Malcolm Guite, Sounding the Seasons
Seventy Sonnets for the Christian Year, Canterbury Press
https://malcolmguite.wordpress.com/2024/05/26/a-sonnet-for-trinity-sunday-11/



Moral clarity, moral courage

Columns, Kerk en kerkgeschiedenis Posted on ma, mei 20, 2024 08:13:23

Morele helderheid, morele moed, een geweten met helderheid en moed – hoe vertaal je die vier Engelse woorden, met die sterke K-klank, clarity, courage? In ieder geval spelen ze in mijn hoofd sinds ik ze las, in het appje dat Sonya Visser me stuurde, op de morgen van Pinksteren. Ze zou wat zeggen, omdat ze terug was in de kerk waar haar grootouders zoveel jaren hadden gezeten. Vanuit Canada hadden de verhalen al indruk gemaakt maar nu was ze hier. Ze had mensen gevonden die met haar opa en oma hadden samengewerkt. Ja, ze zou graag lezen uit de bijbel, het Pinksterverhaal in het Engels, ja, ze zou graag wat zeggen.

Dit was haar verhaal (eerst mijn vertaling, dan de Engelse tekst):

Gisteren hadden we de eer er bij te zijn, toen de gedenkstenen voor onze grootouders Hendrik en Elisabeth Visser-Baars, hier dichtbij voor hun woonhuis, Eikenlaan 21, onthuld werden.
Meer dan twee jaren hebben ze daar de Joodse vrouw Elly Blazer verborgen gehouden. Zij was toen 22.
Gisteren hadden we ook een bijzondere lunch met de dochter van Elly en familie, die ook bij de steenlegging waren, en met Nanneke en Dingeman Coumou. Hun familie werd ook geëerd, met een onthulling voor Lindenlaan 7.


Onze grootouders waren ook betrokken bij andere ondergrondse activiteiten. Ze werkten daarin nauw samen met anderen uit deze kerk, onder anderen de families van Hulzen, Kollaard en Coumou.
Het is een voorrecht om hier bij jullie te zijn, in de kerk en de gemeenschap waar onze grootouders en vader niet alleen op zondag zaten, maar die hen ook vormde tot mensen met een sterke morele helderheid en morele moed.
Hier hoorden ze de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan, en de morele verplichting om voor vreemdelingen te zorgen, en om dat te doen wat in Gods ogen goed is, ook al kost het veel.
Hier hoorden ze ook over Gods speciale band met de Joden in het Oude Testament, en de beloften van zijn verbond met Abraham.
In mei 1945 schreef Benjamin Blazer een brief om zichzelf te introduceren, en de Vissers te bedanken voor het redden van zijn dochter Elly. Daarin schreef hij dat hij zag dat hun christelijk geloof hen ertoe had gebracht iets te doen dat hen in levensgevaar had gebracht, en dat voor hem juist zo heel belangrijk was.
Zijn vrouw en andere dochter waren in Auschwitz vermoord. Zelf was hij onderweg ontsnapt. Hij schreef: Joden en christenen hebben meer gemeen dan de meeste mensen denken. Bijvoorbeeld: wij volgen dezelfde Tien geboden. En Jezus was een kind van het Oude Testament. En vooral: u hebt ten diepste begrepen dat elk menselijk leven waardevol is,
en de stem van het Nieuwe Testament gehoord, die oproept om te zorgen voor de meest kwetsbaren,
en de stem van Christus om anderen lief te hebben als onszelf.
Deze overtuiging is hen bijgebracht in deze kerk, waar mijn vader geboren was, en waar hij opgroeide, en die hij bijna elke zondag bezocht totdat de familie emigreerde naar Canada toen hij 22 was.
Daarom is de trots die wij hebben omdat onze grootouders als Righteous Gentiles, Rechtvaardigen uit de volken, worden geëerd, die trots die wij als kleinkinderen hebben, ook de trots die jullie mogen hebben, als de gemeenschap die hen vormde en steunde.
Hendrik en Elizabeth Visser redden uiteindelijk Elly, en anderen, om eer te brengen aan God. Dat doen wij dus nu ook, samen met jullie, hun thuisgemeente.



De Engelse tekst, van Sonya Grypma-Visser:
Yesterday we had the honour of witnessing the unveiling of memory stones commemorating our grandparents, Hendrik and Elisabeth Visser-Baars at their former home, close by here at Eikenlaan 21. For over 2 years they hid the Jewish woman Elly Blazer, then 22. Yesterday we also had a meaningful lunch with her daughter and family, who also attended the event – not to mention a lovely visit with Nanneke and Dingeman Coumou, whose family was also honoured, with an unveiling at Lindelaan 7.
Our grandparents were quite involved in other underground activities as well, and worked closely with others from this church, including the Van Hulzen, Kollaard, and Coumous families.
It is a privilege to be here with you, in the church and community that is not only where our grandparents and father attended but that shaped them into people of strong moral clarity and moral courage.
It is here that they were taught Jesus’ parable of the Good Samaritan, and the moral obligation to care for strangers, and to do what is right before God, even when it costs.
Here they also learned about Gods special relationship to the Jews in the Old Testament, and of his covenant promises to Abraham.
When Benjamin Blazer wrote a letter to my grandparents in May 1945 introducing himself and thanking them for rescuing his daughter Elly, he recognized that it was their Christian beliefs that led them to do something so dangerous, and so important to him.
His wife and other daughter were killed in Auschwitz . He escaped enroute. And he wrote: as Jews and Christians we have more in common than most people think.
For example: We follow the same Ten Commandments. And Jesus, he wrote, was a child of the Old Testament. Mostly, he recognized that my grandparents, who Elly called Mama and Papa Visser for the rest of her life, understood deeply the intrinsic worth of all human beings, of the New Testament call to care for the most vulnerable, and of Christs call to love others as we love ourselves.
These beliefs were instilled in this church, where my father was born and raised and attended virtually every Sunday until the family immigrated to Canada when he was 22.
So the pride we have in our grandparents being honoured as righteous gentiles, the pride we have as grandchildren, is a pride you can share as well, as the community that shaped and supported them.
Ultimately Hendrik and Elizabeth Visser, rescued Elly, and others, to bring glory to God.
And so we, together with you, their home congregation, do so too.

Over de familie Visser, een korte samenvatting:
https://www.geheugenvanzeist.nl/articles/gedenksteentje-eikenlaan-21

Ook steentjes werden gelegd, bij de genoemde familie Coumou,
www.geheugenvanzeist.nl/articles/gedenksteentje-lindenlaan-7

Op 18 mei werden ook stenen gelegd bij Acacialaan 18a, voor de familie Beckman en hun onderduikers.
www.geheugenvanzeist.nl/articles/gedenksteentje-acacialaan-18a



Mythe of charter van humaniteit, Edda of Thora

Columns Posted on zo, mei 05, 2024 20:37:39
inhoudsopgave Edda en Thora

Ik kreeg veel reacties op de dienst van vandaag, 5 mei 2025. Voor wie nog wat wil verder lezen, hier een paar handvaten.
Uitgangspunt was de preek die ds. Kornelis Heiko Miskotte hield, de zondag na de bevrijding, 9 mei 1945, Nieuwe Kerk Amsterdam.
Over: Gods vijanden zullen vergaan, Psalm 92.
Daarbij greep ik terug op zijn boek Edda en Thora, uit 1939, waarin hij
al had gewaarschuwd tegen de mythe van een Herenvolk, die al het andere onder de voet liep:
Edda en Thora,
nazi of jood,
mythe of thora en ‘charter (verdrag) van humaniteit’.
Mythe is voor Miskotte een basisverhaal waarmee je je eigen gedrag kunt verdedigen.



Een citaat uit de preek van Miskotte:
‘juist in dat geordende, in dat verfijnd misdadige, in dat zich uitwendig in schone tucht handhavende systeem zagen wij dit regime in zijn ware gedaante. En we begrepen waarom Jodenhaat en mensverachting samen moesten en voortkwamen uit één bron: de haat tegen de God van Israël’. Hier weerklinkt de scheiding der geesten die Miskotte zes jaar eerder bepleitte: de nazi of de jood, de mythe of het charter van de humaniteit. Dat besef bepaalde de strekking van deze bevrijdingspreek.

In de preek sprak ik over de mythen van nu, de een gemakkelijker te herkennen dan de ander.
In de bijbellezing Jesaja 45:15-19 waren het de beelden, zichtbaar, te vereren, waar tegenover de verborgen God. Hoewel, verborgen: hemel en aarde laten hem kennen, de rechtvaardigheid is zijn kenmerk.

Onder de mythen van nu zijn, natuurlijk, snel gevonden, de mythe van Russia;
maar ook die van Volk en Vaderland;

de mythe van ‘door groei meer welvaart’
met als zusje de mythe van maakbaarheid.

Is geloof ook niet soms een dekmantel voor een mythe?
heilige geschriften die zo gelezen worden dat mensen ontheiligd worden, geslachtofferd?
Een zogenaamd bijbels bewijs wat de grenzen van de staat Israël nu zijn – terwijl in Tenach er zoveel verschillende plaatjes en kaarten worden getekend, op z’n grootst van Nijl en zee tot aan de Eufraat, maar ook kleiner en nog veel kleiner.

Jezus wenst, Johannes 15: 9-17, zijn vrienden liefde en vrede toe. Vrienden zijn jullie, vruchtdragers – niet mythevolgers, na-apers, adepten, fans. Zo kunnen we leven.

Het lied na de preek, door Ad den Besten geschreven op basis van 9 mei 1945, lied 709 Liedboek.

Wat doorverwijzingen:
De dienst is terug te kijken op Youtube, https://www.youtube.com/watch?v=49OV8yzHDxw&t=2048s

of als MP3 hier te beluisteren:



Over Miskotte, 1894-1976: https://protestantsekerk.nl/verdieping/wie-was-kornelis-miskotte/

een column van ds Hans Uyttenbogaert, https://forumkatholiciteit.nl/documenten/columns/232-gods-vijanden-vergaan-een-preek-en-een-lied-bij-de-viering-van-4-en-5-mei-2024

Een artikel over Edda en Thora, door Coen Wessel geschreven als inleiding bij een conferentie over God en natuur, over de theologie van Kune Biezeveld:
https://coenwessel.nl/Zijn%20wij%20hier%20wel%20voor,%20over%20Miskotte.pdf



Ik noemde de 20ers, Islamitisch en Joods, die ervoor kiezen om met elkaar en anderen het gesprek aan te gaan over hun verschillen van inzicht en mening, in het project Deel de duif.
https://www.instagram.com/deeldeduif/
https://nos.nl/regio/noord-holland/artikel/448258-islamitische-en-joodse-amsterdamse-jongeren-starten-verbindingscampagne
https://www.trouw.nl/onderwijs/deze-islamitische-en-joodse-jongeren-laten-zien-dat-het-kan-het-oneens-zijn-en-elkaar-toch-respecteren~b7343831/



De inleiding bij de 2e druk, begin jaren 1970, Callenbach Nijkerk.


Kerstverhaal: ‘Hallo mam…’

Columns Posted on do, december 21, 2023 14:25:50

Een kerstverhaal dat ik schreef voor een kerstmaaltijd in Wijkinloophuis het Binnenbos, Zeist. Ieder jaar nodigen vrijwilligers zo’n 40 buurtgenoten uit voor een maaltijd, een prachtig driegangendiner. Met vier of vijf aan een tafel, een gastvrouw of gastheer erbij. Aan mij de eer om een kerstverhaal te vertellen. Het onderwerp ligt meestal op straat, of in de buurtkamer.

Kerstfeest het Binnenbos 2023

Doedoem! Margot hoort dat er een bericht binnen komt op haar telefoontje. Dat gebeurt vaker, ze schrikt er niet van. Het zal wel over Kerst gaan, haar zoon die zich afmeldt. Dat gaat de meeste jaren zo.
Ze snapt het wel, ze zijn druk, kleine kinderen, aan vakantie toe, gaan samen naar het buitenland, ze kent de redenen. Nee, ze zal het geen smoesjes noemen. Jammer is het wel, en stilletjes.
Dit bericht komt van een nummer dat ze niet kent, wel een beetje vreemd. Het is een appje. “Hallo mam, mijn telefoon is kapot. Ik heb een tijdelijk nummer. Ik kan niet bellen. Kun je een WhatsApp-bericht sturen via WhatsApp?”
Margot gaat er bij zitten. Dat is nu al de derde keer. De afgelopen maanden is ze een paar keer bij de neus genomen. Iemand van de bank die belde, en om haar bankpasje en nummer vroeg. Het was een nette man, die aan de deur kwam, zo betrouwbaar. En helemaal niet zo’n slordige bezorger, altijd met haast – nee, deze had alle tijd. Mooi gesprek was dat geweest. Eerst vertrouwde ze het niet zo, maar uiteindelijk had hij haar toch overtuigd.
Gelukkig had er niet veel meer op haar rekening gestaan toen, ze zet altijd zoveel mogelijk apart op de spaarrekening. En rood staan heeft ze geblokkeerd. Dus toen ze merkte dat ze haar pasje niet terugkreeg, en dat haar rekening leeg was, zuchtte ze. Ik ben weer te goed van vertrouwen geweest. Paar honderd euro. Overleefde ze wel.

Nee, dat van augustus was een stuk erger. Een prettig contact, via Facebook, iemand die echt leuke dingen zei, die vond dat ze mooie foto’s maakte, en dat ze er op haar profielfoto veel jonger uitzag dan de 73 die ze telt. Ze had het gevoel dat het ook echt klikte. Misschien zit er wel meer in – achteraf natuurlijk heel stom. Maar ja, het gevoel dat je weer even jong bent, en het idee dat er iemand is die wat in je ziet, dat is toch prachtig.
Het was wel jammer dat alle afspraken in het echt niet door konden gaan. Bijna was het wel gelukt – maar toen viel zijn vlucht uit, en belde hij dat hij zonder geld op het vliegveld van Lissabon stond, of ze hem € 1000 kon overmaken, dan kon hij een andere vlucht regelen. Natuurlijk zou de vliegmaatschappij later wel alles goedmaken.
Ze had het gedaan, nog best een hoop gedoe, maar daarna dacht ze toch ook direct: dit klopt voor geen meter. Ik ben toch wel een stom kalf. Hierna komt hij vast met een ander verhaal. En ja, inderdaad, een paar uur later, nu was hij op Brussel maar kwam hij niet meer verder. En of ze… Ze is gestopt met antwoorden. Voor haar was het verhaal afgelopen. Armer en wijzer, dat was ze nu.

Ze kijkt weer op haar mobieltje. “Hallo mam, mijn telefoon is kapot. Ik heb een tijdelijk nummer. Ik kan niet bellen. Kun je een WhatsApp-bericht sturen via WhatsApp?”
Ze heeft er genoeg van. Die kerels, die met mooie praatjes vrouwen als zij oplichten. Nu gaat ze iets terugdoen. Ze voelt zich boos worden. En ze weet het nog van vroeger, toen ze voor de klas stond: Als ze boos wordt, hebben haar woorden en blikken best effect. Voor sommige mensen is dat de enige manier waarop je ze kunt veranderen.
Tja, blikken kan ze nu niet werpen. Maar woorden op haar mobieltje typen, dat is haar wel toevertrouwd. Ze begint, schuift wat, verbetert wat, zorgt dat er geen taalfout instaat, en uiteindelijk is ze tevreden.
“Ik ben je moeder niet.
Dat weet je best.
Jouw moeder zou zich schamen.
Ga iets goeds met je leven doen!
Zo in de week voor Kerst, schaam je!
Het kerstkind is gratis en voor niets gekomen,
en jij maakt winst van de goede bedoelingen van oude mensen.
STOP!
Voor je eigen bestwil!”

Ha! Dat is er uit! Ook al leest hij maar drie woorden, dat kan haar niets schelen, zij heeft haar ding gedaan, haar woord gezegd. Ze is blijven staan, ongebogen.
Margot gaat door waar ze mee bezig was, het mag gezellig worden in de kamer, ook als ze deze dagen alleen is.

De volgende morgen, even voor negen al, gaat de telefoon. Een vrouwenstem die ze niet kent, een beetje stotterend, onhandig. Ook een beetje snotterig, trouwens. Wat nu weer?
‘Ik versta je niet goed, wil je het nog eens zeggen?’
‘Mevrouw, ik wil u mijn excuses aanbieden. U had gelijk – ik maak er niet veel van, van mijn leven. Bedankt voor uw boze woorden.’

O ja, dat kon ook – dat het een vrouw was. Margot weet het eigenlijk niet. Is dit nu onderdeel van de poging tot oplichting, of is dit echt? Daarom vraagt ze door, hoe heet je dan, waar woon je, hoe kwam je aan mijn nummer? Het wordt een gesprek. Over hoe ze aan geld komt, op wat voor manier ze woont, dat ze geen contact meer heeft met haar moeder en broer, eigenlijk best alleen is.
De lerares in haar wordt weer wakker. Ze kent het meisje. Nee, niet dit meisje, maar ze ziet ze in meervoud voor zich. Om de paar jaar was er wel zo één in de klas die ze zo graag dat extra steuntje gegeven zou hebben. Die een grote mond had, maar onzeker om zich heen keek als niemand haar zag. Bijna nooit kon ze het kind echt bereiken. Het hield zich te groot. Verdween vaak ook voortijdig van school.
Nu is dit kind groot geworden. Niemand die haar ziet. Voor ze het weet stelt Margot de vraag: ‘Wat doe jij met kerst?’ Het wordt stil, aan de andere kant van de lijn. Ze zegt het niet, die ander, maar ze hoort het wel:
Kerst bestaat niet, als je geen herberg hebt om thuis te zijn,
geen stal waar je welkom bent,
geen tafel waar het eten voor je klaar staat,
waar je kunt helpen met de afwas.
Als niemand je naam uitspreekt.
Tom zal wel niet meer komen. En wat dan nog, als hij wel komt? Waar eten is voor vijf is ook voor zes, toch?
‘Ík ben benieuwd naar wie je bent. Het kerstkind is gratis en voor niets gekomen, dus wil ik jou ook uitnodigen aan tafel’.
‘Ik snap het niet. Hoe weet u nu dat u mij kunt vertrouwen?’
‘Dat weet ik niet. Maar ik wil niet als een wantrouwend mens door het leven gaan. Laten we elkaar maar helpen om een nieuw begin te maken.’

Twee mensen hebben elkaar ontmoet, zonder maskers voor, zonder capsones. Hoe het afliep? Dat weet ik niet.
Misschien gewoon een goede avond, eenmalig.
Misschien klikte er wat meer, en werd het huis van Margot een toevluchtsoord voor de vrouw die bij niemand thuis was.
Misschien ging er wel weer iets niet echt goed, en viel het allemaal tegen.
Maar die stap vooruit, die hebben ze gezet.
En zo werd het Kerst, feest van vertrouwen. Ik mag er zijn, in Gods naam.



De kunst van wandelen

Columns, Natuur en dieren Posted on ma, mei 29, 2023 14:51:24

K.H. Miskotte, Kortgene, Pinksteren 1923

VIII. De kunst van wandelen
Met de Pinksterdagen gaan de menschen veel wandelen. En nu een vraag: kùnt gij wandelen? Kuieren, slenteren kan iedereen; ook jachten en draven op z’n tijd. Wie slentert heeft geen doel. En wie draaft ziet den weg niet. Maar wie wandelt heeft een doel, kalm en klaar voor oogen, maar het is hem alleen belangrijk, dat doel, om den wèg.
Hebt gij aandacht, open oogen voor de wonderen, die alom zich openbaren? Ook hier! Hebt gij den prachtigen kaarsenkoepel aan den Westerachterweg, den heerlijk-fieren kastanje daar gezien? Niet? Schaam u! dat de mensch aan ’t schoonste went.

kastanje bij Wulpbek, Zeeuws-Vlaanderen. foto Otto Vosveld, Zeelandnet

En hebt gij de scheeve wilgen gezien in de wei van Abram Markusse; prachtig, hoe daar het leven overhéén gegaan is, als over het doorgroefd gelaat van ’n slover en hoe de loten wuiven uit dat oude karkas, nieuw, over den simpelen vijver? Och, er is zooveel! en als kind hebt ge het toch echt gezien. —
En hebt ge goed, zuiver, ontroerd, den meidoorn zien bloeien dit jaar? Wàt zegt ge? versta ik u goed ? hebt ge daar geen óóg voor? Wâblief? En dat staat ge maar te beweren alsof het iets onverschilligs, iets onschuldigs ware! God verbiedt u te slenteren, de gouden uren zijn te kostbaar. En Hij wil niet dat ge altijd draaft en slaaft. Hij laat u wandelen. En toont u hoe Hij behagen heeft in het onnoodige, het onvruchtbare, hoe Hij niet alleen de voeding telt, maar ook de schoonheid. En Hij neemt u mee en leidt u door Zijn zware schatkameren. Maar gij, gij ziet misschien liever zoo’n vreeselijken hond op den schoorsteenmantel**, het tegennatuurlijk prutswerk van ’n mensch, van ’n fabriek, die u uw zure geld uit den zak klopt en u op den koop toe bedriegt, door uw natuurlijken smaak te bederven. Misschien voorgoed. Ach! dit is niet het jammerlijke dat zoo vele menschen niet „ontwikkeld” zijn of zelfs dom, dat ze geen kunstgevoel hebben en wat dies meer zij, maar dat het natuurlijke, het kinderlijke, langzamerhand óók verdort en versterft. Het zal niet lang duren of zelfs de dorpsmenschen weten niet meer wat wandelen is en zien niet meer wat mooi is.
En hoe zullen zij dan weten wat wandelen in de Schrift beduidt, wandelen met God, wandelen voor Zijn Aangezicht? Wandelen dat moet ge lééren en daartoe is het eerste: eerbied. De slenteraar en de renner, dat zijn de oneerbiedigen, de armen, die geen oogen meer hebben, dan die het leven beloeren en belagen.
Een doel voor oogen! Vreugde aan den weg! Open hart! Open oogen! Warm gevoel van binnen om heel het Godswonder der wereld.
Ernstig zijn als voor Gods Aangezicht. Met vaste schreden. Een oogenblik huppelen en uitgelaten doen. Dan weer de vaste schreden. Niet traag! Niet gehaast! Onze God is rijk. Zijn wereld is rijk. Wij zijn rijk. Wij zijn verlost. De belofte des Geestes is vervuld. Wij mogen in oprechtheid wandelen. In Zijne trouwe gemeenschap. Voorwaar, wij hebben het goed! Want wij gaan op vasten bodem, op eeuwigen grond. En wij wandelen zóó lang en zóó goed, tot we onze nuchterheid verliezen, tot onze ziel gaat psalmen en jubileeren.
Dat dan de hemelen zich verblijden, en de aarde zich verheuge, dat de zee bruise met hare volheid, dat het veld huppele van vreugd, met al wat er in is, dat dan al de boomen des velds juichen voor het Aangezicht des Heeren, want Hij komt, Hij komt om de aarde te regeeren*, te richten en te zegenen. (Psalm 96: 11,12, Psalm 98: 7,9 – rab)
Gekleed in Pinkstervreugde, broeder, zuster, wandel door Gods schoonheid, zóó, dat dit wandelen u zij, beeld, teeken en gelijkenis, oefening en voorportaal van het wandelen in het volbrachte werk, in het volle licht, in het verbond, dat een eeuwig verbond der Genade is.
En kijk nu toch, en bewonder nu toch; en aanbid; en wees vroolijk dat ge morgen aan den dag metterdaad moogt wandelen in Zijne wegen. Door den Geest. De Geest, die in Jezus was. De Geest, die ons levend maakt, daar wij dóód waren in onze misdadige dorheid.
“Geliefden, indien wij door den Geest leven, zoo laat ons ook door den Geest wandelen” (Gal. 5: 25) „want wij zijn Gods maaksel, Gods gedicht, geschapen in Christus Jezus tot goede werken welke God voorbereid heeft, opdat wij in dezelfde zouden wandelen” (Ef. 2: 10).


Artikel in Kerkbode Cortgene, 1923, opgenomen in In de gecroonde Allemansgading, Callenbach Nijkerk 1946, p. 52,53.
*: In de tekst op p 53 staat ‘zeggen’, de corrigenda voorin maken dit tot ‘regeeren’

Kortgene 1923, Topotijdreis.nl

** op zoek naar de beeldjes lees ik:

‘Feit is dat in de tijd van Queen Victoria, die zelf een spaniël had, porseleinen hondjes uitermate populair geraakten bij de Engelse middenklasse.
In diezelfde tijd, was de visserij in sommige Nederlandse dorpen minder lonend, hierdoor monsterden veel vissers zich aan bij de schepen die voor de haringvangst naar de Shetlandeilanden van Schotland voeren. De door pottenbakkers van Staffordshire vervaardigde beeldjes werden immens populaire souvenirs bij de Nederlandse vissers. Ze waren betaalbaar en werden thuis als mooi ervaren. Zo kwam het dat de hondjes per paar op vele schoorsteenmantels, commodes en in hoekkasten van de vissersgezinnen en zeelieden te vinden waren.

Hoerenhondjes

Bron: Noordelijk Scheepvaartmuseum’
https://www.mijnzuiderzee.nl/page/889/hoerenhondjes



Veranderd lezen

Columns, Liturgie en kerkmuziek Posted on do, maart 30, 2023 14:07:55

Ieder jaar is het weer kiezen: welke lezingen gaan we horen in de Paasnacht? De oude liturgie van de Paaswake heeft 12 bijbellezingen, van Genesis door tora en profeten heen, via de brieven naar het Paasevangelie. In een kloosterkerk trekken ze daar gerust drie uur voor uit, of zelfs een hele nacht, maar in een gewone gemeente selecteren we, knippen we er stukjes uit, het is toch mooi als we na een ruim uur klaar zijn. Morgen komt de Paasmorgendienst toch ook nog! Trouwens, ook wie ze alle 12 leest krijgt een beperkte selectie, met veel knipwerk.
En zo komt het dat ik alle jaren de lezing uit Ezechiël 36 over het hoofd zag. Vier verzen, over mensen die een ander hart krijgen, mooi, maar het is nóg weer een beeld van een mens erbij. Totdat ik dit jaar eerder begon, in de verzen die niet in het rooster staan:
Mensenkind, profeteer tegen de bergen van Israël,
zeg tegen de bergen en tegen de heuvels,
tegen de rivierbeddingen en tegen de dalen:
“Dit zegt God, de HEER: bergen van Israël,
jullie bomen zullen weer uitlopen en vrucht dragen voor mijn volk Israël,
want hun komst is ophanden.
Ik zal mij naar jullie toewenden, en jullie zullen weer worden bewerkt en ingezaaid.
Ik zal veel mensen op je laten wonen, heel het volk van Israël,
en de steden zullen weer worden bewoond, de puinhopen weer worden opgebouwd.
Er zullen veel mensen en dieren op je wonen,
en ze zullen talrijk en vruchtbaar zijn.”

Ezechiël 36, fragmenten van vers 1-11, NBV21
Schokkend haast, hoe direct de profeet de ‘natuur’ aanspreekt. Dat woord bestaat helemaal niet in de bijbel – het gaat hier over alles wat ons omgeeft, waar wij deel van uitmaken, die hele bewoonbare wereld, de hof van Eden en alles wat zich daaromheen gevormd heeft. God zelf beurt de bergen en heuvels, bomen en rivieren op: jullie doen weer mee in het grote geheel. Niet verpletterd meer door laarzen, door verwoesting, maar verzorgd, vruchtbaar, levengevend, ontvangend, delend.
De Mens in het Midden, dat was lange tijd de manier om de bijbel te lezen. En van de mens dan vooral de ziel die gered moest worden. Dan is zo’n lezing als deze schokkend: de profeet ziet alles als in één beeld, en als hij iets moois wil schilderen doet alles mee. Het helpt mij om de psalmen die zingen van bomen, rivieren, bergen beter te begrijpen. Het is niet ‘maar beeldspraak’, maar het is een manier van kijken die de mijne wil veranderen. Zie je het landschap? Soms pijnlijk gekwetst, schuldig door de veldslagen, de massamoorden, de vernietiging – als het aan God ligt gaat dat voorbij. Ook dat is de bijbel, op weg naar Pasen. Verander je blik, kijk anders, zegt dat oude boek.
En ja, ik zie er ook beelden bij die eerder bij Goede Vrijdag stilstaan. De verwoeste olijfbomen op het land van Palestijnse boern, de steden in Oekraïne die niemandsland zijn geworden. Dan wens ik dat die stem weer klinkt: ‘Mensenkind, roep tegen de bergen, de rivieren, de dalen, de verwoeste steden…’

ook gepubliceerd in de 40dagenblog van de Noorderlichtgemeente



O Happy Day!

Columns, Liturgie en kerkmuziek Posted on za, oktober 01, 2022 21:47:44

Een stampvolle kathedraal, mensen staand naast de banken. Het kan ze niets schelen, het is goed om hier te zijn. De opening van de tentoonstelling in het Museum Catharijneconvent ‘Gospel’ is op zich ook weer Gospel, een godspel met muziek en spirit. Inderdaad, ‘not Might, not Power but Spirit’, zoals zangeres Shirma Rouse het de ruimte inslingert, en nog eens en nog eens, het moet wel waar zijn.

gastcurator Shirma Rouse en curator Rianneke  van der Houwen,
bij de opening van de tentoonstelling


De ruim 1 miljoen internationale christenen in Nederland waren tot voor enkele jaren vrij onzichtbaar in de wereld van cultuur. Top dat dit museum er iets aan doet. Niet dat dat hele miljoen met Gospel in de weer is. De Assyrische christenen in ons kerkgebouw in Zeist klinken weer heel anders, bijvoorbeeld. Maar de kenmerken zijn dezelfde, denk ik, nadat ik de tentoonstelling zag.
Hoe komt het toch dat wij hier in Nederland zo van Gospel houden, vroeg de verslaggever in 1964 aan Mahalia Jackson, toen ze hier volle hallen trok. ‘Het hart spreekt het hart aan’, antwoordde ze. En de jonge voorganger die de betekenis van Spirituals en Gospel uitlegde wist het weer anders te zeggen: er is geen emotie die in deze muziek niet genoemd mag worden. De kritische vraag aan Jackson, waarom ze een lied van Gershwin zong terwijl dat niet godsdienstig was, stuitte op haar onbegrip: het gaat over een motherless child, en het is een lullaby, een slaapliedje. Als daar geen geloof bij betrokken is…
Natuurlijk vind ik dat ook andere kerkmuziek van hart tot hart gaat. Zoals die van de Assyrische christenen met de liturgie in het aramees en kwart toonsafstanden. Of zoals de Urker psalmzangers, of de liturgische antwoordpsalmen, of het Mag en Nunc uit de Anglican Evensong. In elk geval zoals al die oude psalmen in zoveel vormen. Alleen: die codes zijn wat moeilijker te kraken.
Dus wie weer een gevoel wil krijgen dat religieuze muziek over de hele mens gaat: ga naar Utrecht en geniet. Als je alles wilt beluisteren moet je twee uur uittrekken, voor de documentaire film nog twee uur extra… Een soort Floriade van evangeliezang dus, een winter lang.

En o ja, hier die Happy Day.
Hier meer over de tentoonstelling.



Volgende »